skip to Main Content

De Telegraaf (29 augustus 2019) hield een peiling onder ruim 6.700 lezers. De euthanasiewet functioneert niet goed, vinden de meeste deelnemers aan de Stelling van de Dag. Zo’n 85% van hen stemt voor aanpassing van de regelgeving. “Deze wet is een farce. Er zitten zoveel haken en ogen aan”, klinkt het steevast.

Eerder deze week werd in een rechtszaak tegen een arts die in 2016 euthanasie uitvoerde op een zwaar demente vrouw, duidelijk dat justitie haar schuldig acht aan moord. Die beschuldiging gaat er bij 90% van de deelnemers niet in. „Slechte zaak dat in deze situatie de arts moord op haar bord krijgt. De politiek is verantwoordelijk voor deze gatenkaas-wet en niet de arts”, verwoordt een respondent de mening van velen. „Het is een goede zaak dat euthanasie niet te makkelijk wordt maar zoals gewoonlijk worden er zaken gemaakt waar geen zaak had moeten zijn. Deze arts heeft naar eer en geweten gehandeld maar heeft wel het woord ‘moord’ boven zich hangen. Op deze manier is er straks geen arts meer te vinden die dit nog gaat doen”, denkt een ander.

De druk op artsen is nu te groot als het om euthanasie gaat, vinden veel deelnemers. Zo’n 83% van hen denkt dat artsen na deze rechtszaak nog huiveriger zullen worden om euthanasie uit te voeren. „De wet is niet duidelijk genoeg waardoor artsen altijd in grijs gebied handelen”, meent een respondent. „Er moeten duidelijkere richtlijnen komen waardoor de hulpverlener naar eer en geweten zijn/haar werk kan doen. De overheid moet hier samen met artsen en notarissen een gevalideerd ambtstuk van maken. Nooit meer een hulpverlener in verlegenheid brengen moet het uiteindelijke doel zijn”, schrijft een ander. „Men doet net of het een gemakkelijke beslissing is voor patiënt en arts om over te gaan tot euthanasie en dit is zeer zeker niet waar. Het beëindigen van een leven is traumatisch voor alle betrokkenen en wordt niet licht genomen. Artsen zouden nooit vervolgd mogen worden”, vindt een stellingdeelnemer.

Dat er geen waarde wordt gehecht aan het feit dat de overleden vrouw – toen ze nog helder was – een wilsverklaring voor euthanasie had getekend, gaat er bij veel respondenten niet in. „Ik vind dat een euthanasieverklaring blijvend geldig moet zijn als een patiënt door een hersenziekte of dementie niet meer helder een antwoord kan geven op enig moment in het proces”, stelt een deelnemer. „Als er al een wilsbeschikking is gemaakt met het volle verstand dan heeft het gesprek over de doodswens toch al plaatsgevonden? En dan moet iedereen zich eraan houden”, vindt een ander. „Je zet iets op papier wanneer je nog helder bent zodat je, als het zover is, niet jaren weg hoeft kwijnen. En vervolgens krijg je dit circus”, stelt een respondent verontwaardigd. Een ander: „Als de laatste wilsbeschikking niet wordt gerespecteerd, welk nut heeft deze dan?”

Toch begrijpen veel respondenten wel dat het lastig is om een dergelijke wet goed op te stellen. „Hoe de wet ook wordt veranderd, er zullen altijd moeilijke grensgevallen blijven”, gelooft een deelnemer.

Een grote groep stellingdeelnemers (72%) vindt dat de beschikking over leven en dood voortaan helemaal niet meer bij artsen hoeft te liggen en pleit voor de invoering van de ’pil van Drion’. Met deze, hypothetische, vrij verkrijgbare pil zouden óuderen op humane wijze zelf een einde aan hun leven kunnen maken.

Back To Top